De politiek en het vertrouwen vanuit de Nederlanders. Het is een haat-liefdeverhouding die als grootste graadmeter wordt gezien door de journalisten, en de politici zelf. Enerzijds is vertrouwen een van de voornaamste termen om uit te drukken hoeveel steun een politicus of partij heeft, anderzijds is het ook de grootste angst. Dat dalende vertrouwen; wat volgens de media en politiek zich uitdrukt in merkbare onvrede en zelfs in bedreigingen. Het is een moeilijk meetbare term, subjectief en moet gemeten worden door meningen en peilingen. Wel is er in de data goed te zien wat vertrouwen opbouwt. Wij vertellen je dan ook meer wat volgens de ontwikkelingen die spelen, kan zorgen voor meer vertrouwen in de politiek.
Vertrouwen komt te voet en gaat te paard. Het is een bekende Nederlandse uitspraak. En dit wordt in de meeste gevallen ook bevestigd. Merken maken het elke dag mee. Een verkeerde zet en het marktaandeel daalt. Zelfs na excuses en een snoeiharde aanpak om dingen goed te maken, is de consument wantrouwig. Dit lijkt te maken te hebben met de verwachtingen die worden geschept door het merk. Verwachtingen die beetje bij beetje worden afgebroken, of zelfs soms in een klap. Politici hebben ergens een werkwijze aangenomen die lijkt op een verkooppraatje. ‘Als wij aan de macht zijn, dan gebeurt dit’. Een belofte die, zeker in onze vorm van democratie, bijna altijd wordt gebroken. Daarbij is de kiezer zo gevoed met meerdere infobronnen, dat ze die conclusie zelf ook eerder trekken. Realistische verwachtingen scheppen is dan ook een belangrijk beginpunt. Verwachtingen die horen bij het speelveld en een goede uitleg waarom grote beslissingen gaan zorgen voor winst per persoon. Ja ‘winst’, de Nederlanders zijn politici meer en meer als beleggers gaan zien. Waar zij als kiezer in investeren. Verwachtingen, maar uiteindelijk geen ‘winst’? Geen vertrouwen.
En dat maakt dingen ingewikkeld voor politici. De Tweede Kamer heeft een controlerende rol, en probeert dus vooral uitdagingen te signaleren, aan te kaarten en de aanpak hiervan te controleren. Geen directe match met de ‘belegger’. De politici hebben een drukke dagindeling, maar dat is lastig te zien voor de kiezers. Het beeld wordt gevormd dat er puur wordt vergaderd en ‘genoten’ van de welvaart. Hoe komt dit? De verwachtingen worden geschept, daarna is een partij zo gegroeid dat hele diverse Kamerleden aan de slag moeten met die punten. De kiezer gaat van een centraal herkenbaar punt naar een hele groep aan accounts om te volgen. Het zorgt voor verwarring en desinteresse. De partijleider moet als news anchor zorgen voor een samenvatting van alles wat de Kamerleden hebben gedaan, het gezicht van de partij. Niemand anders.
Transparantie is dus key. De kiezers willen zien hoe hun investering verloopt. Hoe het team presteert, maar vooral ook hoe thema’s van A tot Z worden aangepakt. Niet op detailniveau, maar wel om te kunnen begrijpen hoe acties van de politiek tot stand komen. Keuzes worden gemaakt, soms harde keuzes die niet direct winst lijken op te leveren. Wat staat daar dan tegenover? Het maakt de politiek dichtbij, maar wel in balans met die band tussen investeerder en belegger. Allebei een belangrijke taak, allebei belangrijk om goed te informeren. Een bekend idee om die balans te krijgen is het referendum, maar dat is niet hoe de burger er direct naar kijkt. Goede resultaten leveren, door te controleren of te zorgen voor winst. Het goed en adequaat informeren. En zorgen voor een duidelijke te volgen lijn hoe keuzes worden gemaakt, zorgen voor een vergroting van het vertrouwen.


